Toegankelijkheid van openbare toiletten
Onderzoeksrapport

Toelichting en leeswijzer

Inleiding

Aanleiding onderzoek

Op 14 juli 2016 is het VN-verdrag handicap in Nederland in werking getreden. Het doel van het verdrag is het bevorderen, beschermen en waarborgen van de mensenrechten van mensen met een beperking. In het verdrag is aangegeven wat de overheid moet doen om ervoor te zorgen dat de positie van mensen met een beperking verbetert.

Voor de Nederlandse Vereniging van Rekenkamers en Rekenkamercommissies (NVRR) was het aanleiding om in 2019 toegankelijkheid tot een belangrijk thema van onderzoek te maken. Wij volgen de NVRR hierin en voeren verschillende onderzoeken uit binnen het thema toegankelijkheid. 

Op 8 mei 2019 nam de gemeenteraad het - gewijzigde - initiatiefvoorstel Baas over eigen blaas aan. Het initiatiefvoorstel vraagt aan het college om uit te gaan van de norm van de Maag Lever Darm Stichting dat er binnen een straal van 500 meter een openbaar of opengesteld toilet is in het stadscentrum en in drukke voetgangersgebieden. Het college dient onderzoek te doen naar waar dat nog niet zo is en daarbij aandacht te geven aan de aanwezigheid van toiletten voor mensen met een fysieke beperking. Het college moet zoveel mogelijk toiletten in gemeentelijke gebouwen openstellen en horeca, winkels, supermarkten, politie en brandweer stimuleren om toiletten open te stellen. Verder moeten er bij nieuwe parkeergarages en fietsenstallingen openbare toiletten worden gerealiseerd en moeten bestaande en nieuwe locaties worden aangesloten bij de Hoge Nood app.  Krullen moeten vervangen worden door genderneutrale toiletten, DIXI’s door een alternatief en bij evenementen moeten meer toiletten voor vrouwen komen. De vindbaarheid van openbare toiletten moet worden vergroot. Het college is gevraagd over deze punten uiterlijk eind 2019 te rapporteren aan de gemeenteraad. Het heeft dit gedaan door middel van een brief aan de gemeenteraad , die op 11 december 2019 op de agenda stond van de raadscommissie Wonen en Bouwen.

Doel en onderzoeksvragen

Het doel van dit onderzoek is om na te gaan in hoeverre de gemeente Amsterdam ervoor zorgt dat er voldoende openbare toiletten zijn in de stad. In het bijzonder gaat daarbij onze aandacht uit naar toiletten voor vrouwen en mensen met een fysieke beperking.

De centrale vraag in dit onderzoek luidt:

Zorgt de gemeente Amsterdam voor voldoende openbare toiletten?

Deze vraag zullen we beantwoorden aan de hand van de volgende deelvragen:

  1. Welk beleid heeft de gemeente?
  2. Hoeveel openbare toiletten zijn er in de stad?
  3. Hoeveel openbare toiletten zijn geschikt voor vrouwen?
  4. Hoeveel openbare toiletten zijn geschikt voor mensen met een fysieke beperking?
  5. Zijn de openbare toiletten goed te vinden?
  6. In hoeverre wordt al voldaan aan de norm van 500 meter afstand in het stadscentrum en in drukke voetgangersgebieden?

Afbakening onderzoek

Het onderzoek richt zich op een inventarisatie van toiletten in de stad, die openbaar kunnen worden genoemd en de inspanningen van de gemeente om openbare toiletten te realiseren dan wel door via contacten met andere partijen toiletten open te stellen. We richten ons op wat de gemeente in dit verband doet. Het onderzoek richt zich in het bijzonder op toiletten voor vrouwen en fysiek beperkten en de vindbaarheid daarvan.

Het ging er ons in dit onderzoek niet om, om de lijst van openbare toiletten in de Hoge Nood app te controleren.

Definities

Openbare toiletten
De Toiletalliantie maakt onderscheid tussen openbare en opengestelde toiletten. Openbare toiletten zijn volgens de Toiletalliantie in principe 24/7 toegankelijk of met ruime openingstijden. Ze kunnen in een gebouw (zoals een treinstation) zitten of vrijstaande toiletunits zijn. Vaak moet hiervoor worden betaald. Opengestelde toiletten heten ook wel semiopenbare toiletten. Dit zijn toiletten in openbare gebouwen (gemeentehuizen, bibliotheken en andere) en bij dienstverleners zoals banken, winkels, horeca of supermarkten waar ook niet-klanten naar het toilet mogen, in de regel zonder het te vragen. Deze toiletten zijn gesloten als het gebouw gesloten is. 

In dit onderzoek gebruiken we een iets andere definitie. Daarvoor hebben we verschillende redenen. Ten eerste vinden we het verschil dat in de definitie van de Toiletalliantie wordt gemaakt tussen treinstations en openbare gebouwen niet zo zinvol. Beide kunnen minder, meer of helemaal niet openbaar zijn. We vinden dat er wel een verschil bestaat tussen toiletten in openbare gebouwen en die bij ondernemingen en dienstverleners. Hoewel je bij private dienstverleners misschien als niet-klant naar het toilet mag zonder het te vragen, is dit niet bij voorbaat zeker. Ook wordt er in de definitie van de Toiletalliantie van uitgegaan dat alle openbare toiletten geschikt zijn voor vrouwen. Urinoirs, dus Amsterdamse krullen, maar ook de zogenaamde Uriliften , worden er niet toe gerekend. Deze zijn echter wel openbaar, maar - en dit is een ander punt uitgewerkt in de volgende paragraaf - niet voor alle gebruikers toegankelijk. Ten slotte is onze ervaring in dit onderzoek dat er een grijs gebied is tussen wat wel en niet een openbaar toilet kan worden genoemd. Dat betekent dat er over een enkel geval discussie blijft over de 'openbaarheid' van een toilet.

Toiletten kunnen volgens ons openbaar worden genoemd als je er zonder beletsel of zonder te vragen gebruik van kunt maken. Ze hoeven niet 24/7 open te zijn, maar hebben wel ruime openingstijden. Ze kunnen betaald of onbetaald zijn. Het grijze gebied doet zich voor bij 'zonder beletsel'. Daar hebben we een aantal keuzes in gemaakt. Een uitgangspunt daarbij is geweest of het toilet zich bevindt in wat je de 'openbare ruimte' kunt noemen.  Als een toilet zich bevindt achter de toegangspoortjes op een treinstation vinden wij het niet openbaar. Een toilet in een overdekt winkelcentrum vinden wij wel openbaar, maar een toilet in een afzonderlijke winkel in dat winkelcentrum niet. Lastiger is nog de situatie waar je zonder het te hoeven vragen van het gewone toilet gebruik kunt maken, maar voor het gebruik van het minder validen toilet om de sleutel moet vragen. Bij de presentatie van onze bevindingen gaan we nog verder in op de keuzes die we hierbij hebben gemaakt.

Verder maken we onderscheid tussen 'algemene' openbare toiletten, die het hele jaar geopend zijn, seizoensgebonden openbare toiletten, die slechts een deel van het jaar (meestal het zomerhalfjaar) open zijn en urinoirs.

Toegankelijkheid
Voor de toegankelijkheid van openbare toiletten voor mensen met een fysieke beperking gaan we uit van de definitie die is opgesteld door PBT-consult: 

Een integraal toegankelijk toilet bevat de minimale ruimte waarbinnen een persoon met een standaard handbewogen rolstoel geacht wordt zelfstandig toilethandelingen te kunnen verrichten. Uitgangspunt hierbij is dat de toiletpot met afgesloten deur bruikbaar moet zijn. Daarnaast is in dit toilet ook ruimte voor assistentie om de toiletpot te bereiken/verlaten.

De voorwaarden in de definitie zijn uitgewerkt in criteria voor de omvang van de ruimte en de mogelijkheden om daarin te manoeuvreren, de aanwezigheid van beugels ter weerszijde van de toiletpot en aan de binnenkant van de deur, de hoogte van de toiletpot en de wastafel, de aanwezigheid van een alarminstallatie en een naar binnen draaiende deur.

Voor de toegankelijkheid van toiletten voor vrouwen is geen algemeen gebruikte definitie voorhanden. We gaan er echter van uit dat er voor vrouwen op zijn minst een toiletpot aanwezig moet zijn en een afsluitbare deur.

Aanpak

Onderzoeksvraag 1
Aan de hand van gesprekken met leden van de ambtelijke organisatie en op grond van beleidsstukken verkrijgen we een beeld van wat de gemeente doet. We voeren hiervoor gesprekken met de afdelingen Verkeer en Openbare Ruimte, Groen, het Ingenieursbureau van Ruimte en Economie en een voormalige medewerker van stadsdeel Centrum. De lijst van geïnterviewde personen is opgenomen in bijlage 1.

Onderzoeksvragen 2, 3 en 4
Voor de beantwoording van deze onderzoeksvragen gebruiken we gegevens die de gemeente heeft over openbare toiletten. Deze hebben we aangevuld op grond van een eigen inventarisatie van openbare toiletten. Al deze toiletten zijn door ons bezocht. Voor een beschrijving van ons observatieonderzoek, zie bijlage 2. We maken hierbij onderscheid tussen alle openbare toiletten, toiletten voor vrouwen en toiletten voor mensen met een fysieke beperking. Het gaat daarbij niet alleen om openbare toiletten van de gemeente, maar ook om openbare toiletten van anderen.

Onderzoeksvraag 5
Een belangrijk aandachtspunt is de vindbaarheid van de openbare en opengestelde toiletten in de openbare ruimte. We gingen na welke maatregelen het college heeft genomen om de vindbaarheid van de toiletten te verbeteren. Ook gingen we op straat de vindbaarheid na van openbare toiletten. Daarnaast hebben we meldingen geïnventariseerd die over openbare toiletten zijn gedaan. Dit bleken er echter weinig te zijn. 

Onderzoeksvraag 6
Om de norm van bereikbaarheid van openbare toiletten in het stadscentrum en in drukke voetgangersgebieden te concretiseren, bakenen we af welk(e) gebied(en) onder het stadscentrum en drukke voetgangersgebieden moet(en) worden verstaan. Daarna maken we een inventarisatie van de openbare toiletten in deze gebieden. Op grond hiervan stellen we vast of binnen een straal van 500 meter in deze gebieden overal openbare toiletten aanwezig zijn. Ook ‘blinde vlekken’ stellen we vast.

Algemeen
Voor de beantwoording van alle onderzoeksvragen hadden we een gesprek met een medewerker van de Toiletalliantie.

Leeswijzer

Hieronder gaan we in hoofdstuk 2 in op het beleid van de gemeente inzake openbare toiletten. In hoofdstuk 3 geven we een overzicht van de openbare toiletten in de stad en de vindbaarheid ervan. In hoofdstuk 4 gaan we na hoeveel toiletten er zijn in de drukste voetgangersgebieden.

Gedetailleerde onderzoeksbevindingen

Wat doet de gemeente?

Amsterdam heeft al lang openbare toiletten. In dit hoofdstuk bekijken we wat er in de loop van de jaren is gebeurd. Omdat we vrij ver teruggaan in de tijd, is lang niet altijd duidelijk waarom en met welk doel maatregelen zijn genomen. Desondanks leek het ons zinvol om de lange geschiedenis van openbare toiletten uiteen te zetten. Ten slotte staan we stil bij het initiatiefvoorstel Baas over eigen blaas van de gemeenteraad.

Historie

Eerste krullen
Openbare toiletten zijn niet van vandaag of gisteren. De eerste Amsterdamse krul is geplaatst in de jaren zeventig van de 19de eeuw. Bij het toenmalige Paleis voor Volksvlijt werden ze zeven jaar later vervangen door de nu nog bekende meerpersoonskrul. Die had het voordeel dat je van buiten kon zien of er zich personen in bevonden. In 1916 ontwierp architect Van der Mey de gestileerde dubbele krul met half-cylindrisch dak. Veel varianten hebben de revue gepasseerd, waaronder ook een naoorlogse betonnen 'dubbele’ uitvoering. De toiletkiosken en openbare toiletgebouwen uit de jaren twintig van de 20ste eeuw van de Amsterdamse Kiosken Onderneming (Ako) zorgden ervoor dat vrouwen niet langer in hun lange rokken op straat hoefden te hurken. Deze combinatiekiosken waren voorzien van openbaar toilet, drinkwaterinrichting en publieke telefoon. 

Coördinatiebeleid
In de jaren dertig van de vorige eeuw ontwikkelde de gemeente een 'coördinatiebeleid'. Dit hield in dat functionele openbare voorzieningen aan of achter de bestaande gevelwand werden aangebracht of een zo groot als mogelijk aantal functies werden ondergebracht in vrijstaande gebouwen in de openbare ruimte. Dit leverde de stad een aantal zogenaamde 'combinatiegebouwen' op, op onder andere het Weteringplantsoen en het Weesperplein, Leidseplein en Rembrandtplein. In 1954 telde het centrum van Amsterdam zo 81 urinoirs en 5 inpandige of vrijstaande toiletvoorzieningen.

De combinatiegebouwen met inpandige toiletvoorzieningen zijn door de tijd heen verdwenen. De mooiste, op het Weesperplein uit 1931 met daarin een kiosk, een openbare telefoon, urinoirs, een aantal bewaakte dames- en herentoiletten en een wachtruimte voor het GVB, is in de jaren 70 gesloopt ten behoeve van de aanleg van het metrostation Weesperplein. Het combinatiegebouw op het Rembrandtplein bleef nog lang aanwezig, maar de oorspronkelijke inrichtingen voor transformatorstation, kiosk, lichtreclame, bewaakte dames- en herentoiletten en een zestal urinoirs raakte overwoekerd door het café dat sinds begin jaren ’80 het terras in het plantsoen midden op het plein bediende. De toiletten waren er nog wel, maar waren niet openbaar toegankelijk.   Het café op het plein is in 2009 gesloopt in het kader van herinrichting van het plein. 

Sanisettes
Openbare toiletten waren vroeger vooral een mannenaangelegenheid, omdat die op straat werkten. Voor vrouwen werd wel in enige toiletten voorzien, maar alleen in de binnenstad. Vrouwen werkten thuis. De samenleving veranderde, maar de sanitaire voorzieningen voor vrouwen zijn altijd schaars gebleven. Voor de Dolle Mina’s was dit aanleiding om het plasrecht voor vrouwen op te eisen. Hiervoor werd op 24 januari 1970 in Amsterdam actie gevoerd.  Maar pas de komst van de sanisette in 1985 stelde vrouwen eindelijk in staat 'openbaar’ te plassen. Na inworp van twee kwartjes opende een zelfreinigend systeem met fonteintje, wc-papier, handdoekjes en een spiegeltje. Zodra de bezoeker na het wassen van de handen het straattoilet verliet, staakte de muziek en schakelde de computer de elektronische interieurverzorgster in. Maar de sanisettes verdwenen omdat de gemeente de exploitatiekosten te hoog vond.  In 1993 probeerde de firma Publex (voorloper van JCDecaux) het nog eens met een sanisette in een combinatie van reclame- en toiletzuil. Het doel van de reclamefirma was ofwel leasen van de zuilen door de gemeente ofwel meer ruimte maken voor buitenreclame.  De reclamezuilen kwamen op de Stadhouderskade bij het Leidseplein en verder onder meer in Zuidoost, Bos en Lommer, Westerpark en Buikslotermeer. Na 2000 verdwenen ze echter weer.

Toiletinitiatieven in stadsdeel Centrum
Stadsdeel Centrum is in de afgelopen twintig jaar actief betrokken geweest bij de realisatie en het beheer van openbare toiletten. Al voor de instelling van het stadsdeel in 2002 maakte de voorloper ervan, de Dienst Binnenstad, een notitie over de aanpak van wildplassen.  Belangrijkste achtergrond voor de notitie is de doelstelling om tot een hogere kwaliteit van de openbare ruimte te komen. Op grond van een gehouden symposium wordt een keur aan maatregelen besproken, van verhoging van de boetes via nieuwe toiletten, verbetering van het normbesef en fellere verlichting tot aan urine etende bacteriën. Ook constateert men: 

“De verwijzing naar bestaande en mogelijke toekomstige toiletvoorzieningen laat nog teveel te wensen over.”

De notitie legt aan de portefeuillehouder Beheer Openbare Ruimte - dan nog van de centrale stad - voor om te komen tot een investeringsplan en de exploitatiegevolgen. Het college stelt daarna een Plan van Aanpak wildplassen 1998-2005 op.

Dit leidt ook tot maatregelen. Vanaf 1999 worden er in het weekend plaskruizen geplaatst op dertig locaties in de binnenstad met een concentratie op het Rembrandtplein, het Leidseplein en de Nieuwmarkt. In 2005 constateert stadsdeel Centrum dat de plaskruizen in een behoefte voorzien, maar dat het plastic niet past in het straatbeeld, het plaatsen en weghalen kostbaar is en de plaskruizen niet voorzien in een passende oplossing voor vrouwen en gehandicapten.  Er moeten vaste toiletvoorzieningen komen. Omdat die kostbaar zijn, wil men eerst een proef doen met een MVG-toilet op het Waterlooplein en een Urilift op het Rembrandtplein. Als die proeven slagen, zijn de plaskruizen niet meer nodig. In zijn nota uit 2005 constateert het stadsdeel verder dat veel uit het Plan van Aanpak uit 1998 niet is gebeurd, zoals voor iedereen beschikbare toiletten in de horeca, meer inpandige toiletten in openbare gebouwen en betere bewegwijzering. En verder: 

De enige nog resterende gratis openbare toiletvoorziening in het Centrum is het gecombineerde dames- en herentoilet in het metrostation Waterlooplein. Het beheer en de exploitatie zijn in handen van de Stadhuisdienst. Het toilet is toegankelijk voor gehandicapten. De openingstijden zijn maandag t/m vrijdag 09.00 tot 16.00 uur en donderdag van 09.00 tot 19.00 uur.

Dit toilet is bij de renovatie van de Oostlijn gesloopt. 

De proef met de Urilift op het Rembrandtplein slaagde naar tevredenheid en leidde tot de aanschaf van meer van dergelijke voorzieningen. Na 2006 worden tien plaskruizen vervangen door acht Uriliften. In 2006 wordt een MVG-toilet geplaatst op het Waterlooplein. Dat gebeurt echter niet in de eerder aangekondigde proefopstelling ; het gebruik wordt niet bijgehouden. Plaatsing en onderhoud van het toilet zijn gratis, want voor rekening van JCDecaux in ruil voor reclame-uitingen . Het gebouw blijft er permanent. Vanaf 2010 worden nog twee toiletgebouwtjes neergezet (op het Leidseplein en het Koningsplein). Naast de aanschafkosten heeft de gemeente hiervoor een leasecontract afgesloten met Urilift BV  voor het onderhoud van € 24.500 per jaar per toilet . Er zijn gegevens bekend over het gebruik van deze toiletten sinds de start van dit contract bijna acht jaar geleden. De aantallen zijn gebaseerd op de deurtellers van de toiletten: 

  • Waterlooplein: 19.148
  • Leidseplein: 33.059
  • Koningsplein: 28.823 

Ook in andere stadsdelen dan Centrum kwamen enkele openbare toiletten tot stand. In 2006 werd door stadsdeel Zuideramstel een toilet op het Victorieplein gerealiseerd. Het is enige jaren geleden gesloten, omdat het te weinig werd gebruikt.  Dat gebeurde ook met een toilet op Plein 40-45.  Ook in West en Zuid werden twee openbare toiletten gerealiseerd. In de plaats van een Publex-toiletzuil kwam er een openbaar toilet in het Leidsebosje. Ook kwam er een toilet in het Sarphatipark.

Agenda Groen
Op 30 september 2015 stelde de gemeenteraad de Agenda Groen 2015-2018 vast. In de Agenda Groen is opgenomen dat in vier parken basisvoorzieningen, waaronder openbare toiletten worden gerealiseerd.  In de Monitor Agenda Groen 2015-2018, die in december 2017 is gepubliceerd, wordt gemeld dat wordt verwacht dat er eind 2018 in acht stadsparken basisvoorzieningen zullen zijn gerealiseerd.  De basisvoorzieningen zijn er voor een groot deel gekomen, maar de toiletten niet. In de praktijk lukt het de gemeente vaak niet om deze als standalone toilet te realiseren. De gemeente zet in verschillende parken daarom in op het beter ontsluiten van de entree tot horecagelegenheden (bijvoorbeeld in het Oosterpark) of het toestaan van horeca (zoals Rembrandtpark, Flevopark, Noorderpark, Sloterpark). Het is volgens de gemeente lastig om toiletten in parken te realiseren, omdat:

  • er altijd iemand aanwezig moet zijn;
  • continuïteit in schoonmaken moet worden geborgd;
  • bewoners zich ertegen verzetten, omdat ze denken dat toiletten tot een nog intensiever gebruik van het park zullen leiden;
  • de organisatie van de aanleg binnen de gemeente complex is, doordat de afdeling Groen, het ingenieursbureau, Verkeer & Openbare Ruimte, Stadswerken en de stadsdelen betrokken zijn bij de plannen en realisatie van één toilet. 

Andere redenen die hiervoor genoemd worden, zijn:

  • De hoge kosten van het plaatsen van toiletten, het ontbreken van uitvoerings- en beheerbudget.
  • De gemeente ervaart vandalisme wanneer toiletten worden geplaatst in parken. Zo is er in 2008/2009 een proef gedaan in het Sloterpark met mobiele toiletten: ze zijn kort na plaatsing in brand gestoken.  

Knelpuntenfonds
Op 20 juli 2017 besloot de gemeenteraad een Knelpuntenfonds voor de toegankelijkheid in te stellen en hierin zowel in 2017 als in 2018 € 2,5 miljoen te storten. Met behulp van deze middelen moesten knelpunten op het gebied van fysieke en sociale toegankelijkheid opgelost worden. 

Stadsdeel Centrum heeft een aanvraag gedaan uit dit fonds voor de aanleg van vier openbare toegankelijke toiletten. Het stadsdeel wilde financiering voor een leaseconstructie van tien jaar, maar dat kon niet met deze eenmalige middelen. Het college heeft besloten om Centrum twee toegankelijke toiletten toe te kennen voor een bedrag van € 500.000.  Bij de toekenning in 2018 lag nog niet vast waar en hoe de toiletten zouden worden gerealiseerd. Er zijn op dit moment projecten in voorbereiding op de Noordermarkt en het Rembrandtplein. Op de Noordermarkt wordt het toiletgebouw geplaatst dat sinds 2006 dienst deed op het Victorieplein. Op het Rembrandtplein komt een verzinkbaar MVG-toilet. Dit zal net als de verzinkbare urinoirs van het Rembrandtplein op donderdag, vrijdag, zaterdag en zondag in de loop van de middag bovengronds worden gehaald door de buitendienst en ’s morgens weer ondergronds gaan. Beide toiletten zijn aangekocht; in de aankoopsom is het beheer voor drie jaar opgenomen. Omdat het beschikbare budget hiermee niet was uitgeput en ook in het Knelpuntenfonds sprake was van onderschrijding, heeft OJZ in november 2018 aan de projectleider het verzoek gedaan er nog een te kopen. Het beschikbare budget voor de toiletten is uitgebreid tot € 535.000.  Voor het laatste toilet wordt nog naar een locatie gezocht. 

Ook bij deze toiletten verloopt de realisatie moeizaam. Omdat de Noordermarkt in het gebied ligt van het UNESCO-werelderfgoed mogen er geen bouwsels komen langs de gracht. Het Dagelijks Bestuur van het stadsdeel was akkoord om het toilet op het plein te plaatsen. Daartegen kwamen bezwaren van Ruimte en Duurzaamheid, vanwege het aanzicht van het plein. Hierna werd een nieuwe locatie gevonden op de kop van de Westerstraat, waarvoor uiteindelijk een vergunning werd verleend. Maar daar kwamen weer bezwaren tegen, dit keer van buurtbewoners. Na overleg met bewoners voelde de portefeuillehouder van Centrum ervoor om terug te keren naar de eerdere locatie op het plein bij de Noorderkerk. Een definitieve locatie is na een jaar nog niet gevonden. Voor het derde te realiseren toilet was de Appeltjesmarkt een optie, omdat daar de busterminal en veel tramhaltes zijn en er een herinrichting gaande is. Onlangs heeft het project Appeltjesmarkt aangegeven dat het hun niet lukt om hier het huisje geplaatst te krijgen. Het is nu de vraag waar het gebouw wel kan komen. 

Daarnaast heeft stadsdeel Centrum € 25.903 uit het Knelpuntenfonds ontvangen voor bewegwijzering naar de openbare toiletten op het Leidseplein en het Koningsplein. Hiervoor is de informatiezuil op het Leidseplein geplaatst, alsmede de aanduiding op het toiletgebouw op het Leidseplein. De aanduiding op het toiletgebouw op het Koningsplein zal nog worden geplaatst. 

Initiatiefvoorstel Baas over eigen blaas

Achtergrond

De beschikbaarheid van openbare toiletten staat weer ter discussie sinds een vrouw in 2015 een boete kreeg voor wildplassen en een rechter in 2017 besliste dat ze die moest betalen. Dit leidde tot schriftelijke vragen in de gemeenteraad in september 2017  en tot een notitie Openbare toiletvoorzieningen in Amsterdam in februari 2018 . De gemeente maakte in de notitie een inventarisatie van de aanwezige openbare toiletvoorzieningen en kwam tot de conclusie dat er – inclusief de toiletten voor mensen met een fysieke beperking – ten minste tachtig waren. Daarvan waren er maar dertien geschikt voor vrouwen en drie voor fysiek beperkten. Nog eens negentien waren seizoensgebonden, omdat ze alleen ’s zomers in parken staan. De rest bestond uit krullen en zes zogenaamde Uriliften. De gemeente constateerde verder in de notitie dat het al dan niet realiseren van openbare toiletten is belegd bij de stadsdelen, omdat er geen centraal stedelijk beleid voor is vastgesteld. Financiering voor nieuwe of te vervangen toiletten kan alleen op projectbasis plaatsvinden, omdat er geen structureel budget is. Desondanks hebben de stadsdelen in de jaren daarvoor extra voorzieningen gerealiseerd, waaronder toiletten voor mensen met een fysieke beperking, een verzinkbare toiletunit en enige Uriliften. Nog één à twee nieuwe toiletten voor mensen met een fysieke beperking waren in voorbereiding. De gemeente geeft in de notitie aan tegen welke kosten nieuwe toiletvoorzieningen kunnen worden gerealiseerd en hoe de bekendheid ervan kan worden verbeterd.

De gemeenteraad was weinig tevreden met de situatie. Dit leidde tot het initiatiefvoorstel Baas over eigen blaas op 19 december 2018.  Daarin wordt geconstateerd dat in andere Europese grote steden veel meer openbare toiletten beschikbaar zijn voor mannen én vrouwen. Voor bepaalde groepen Amsterdammers is de aanwezigheid van openbare toiletten belangrijk, omdat dit van invloed is op de vraag of ze zich in het openbare leven kunnen begeven. Volgens de Maag Lever Darm Stichting zijn er ongeveer 1 miljoen buikpatiënten in Nederland die bij aandrang binnen een tot vijf minuten een toilet nodig hebben.  De indieners van het initiatiefvoorstel vonden het van belang dat Amsterdam een gastvrije stad is, of je nu man, vrouw, buikpatiënt, oudere of kind bent en achtten het daarom tijd voor meer openbare toiletten voor iedereen. Het initiatiefvoorstel is besproken in de raadscommissie Wonen en Bouwen op 6 maart 2019 en leidde tot een bestuurlijke reactie van het college, waarna een gewijzigd voorstel werd ingediend op 16 april 2019. Dit gewijzigde voorstel is op 8 mei 2019 aangenomen met de in paragraaf 1.1 genoemde besluiten.

Voortgang uitvoering

Op 5 november 2019 stuurde het college een voortgangsbrief over de uitvoering van het initiatiefvoorstel aan de gemeenteraad.  In de brief zegt het college dat uit hun analyse blijkt dat in 15% van de drukke voetgangersgebieden binnen 500 meter een gemeentelijk openbaar toilet is dat rolstoeltoegankelijk is.  Daarmee is overdag in de historische binnenstad de dekkingsgraad van openbare toiletten, gecombineerd met opengestelde toiletten, vrij goed. De behoefte aan openbare toiletten is volgens het college het grootst in stadsparken, recreatiegebieden, uitgaansgebieden en (toeristische) verblijfsgebieden, zoals pleinen. In de binnenstad is er vooral 's avonds en 's nachts een tekort aan rolstoeltoegankelijke toiletten. Om aan de norm die de gemeenteraad hanteert te voldoen zouden nog 25 tot 30 openbare toiletten nodig zijn, vooral in stadsparken en groengebieden. Het college raamt de investeringskosten daarvan op ongeveer € 4 miljoen en de jaarlijkse structurele beheerkosten op ongeveer € 300.000.

Verder doet het college in de brief verslag van een aantal genomen maatregelen. Zo zijn de toiletten in de zeven stadsloketten opengesteld voor passanten. De politie, brandweer en de OBA zijn benaderd voor het openstellen van hun toiletten, met als resultaat dat de 26 vestigingen van de OBA in oktober 2019 zijn toegevoegd aan de Hoge Nood app. Om de vindbaarheid van openbare toiletten te verbeteren, heeft het college besloten de toiletvoorzieningen ook te vermelden op het bewegwijzeringssyteem voor voetgangers. Uitvoering hiervan start in 2020. Het college komt tot de conclusie dat het door de gemeenteraad gewenste weghalen van plaskrullen niet eenvoudig is en bovendien niet de gewenste besparing in beheerkosten oplevert. Het weghalen van plaskrullen zou leiden tot meer wildplassen en daardoor juist tot meer beheerkosten.

Omdat de gemeenteraad bij het initiatiefvoorstel niet voorzien heeft in een dekking voor de investerings- en beheerkosten van nieuwe MVG-toiletten ziet het college geen mogelijkheden om op grote schaal nieuwe toiletten bij te plaatsen. Wel wil het college zich inspannen om op beperkte schaal nieuwe voorzieningen te realiseren. Ze wijst daarbij op drie nieuwe MVG-toiletten, die in voorbereiding zijn in stadsdeel Centrum. Het college zal plaskrullen verwijderen waar de overlast groot is en de risico's beperkt zijn. Verder wil het college alternatieven onderzoeken voor de mobiele toiletcabines (DIXI's) die in de zomer in parken worden geplaatst. Hiervoor is een marktverkenning gestart.

Op 11 december 2019 stond de voortgangsbrief van het college geagendeerd op de vergadering van de commissie Wonen en Bouwen. Het agendapunt is door de commissie zonder verdere discussie afgevoerd.

Conclusies

Uit dit overzicht zijn een paar algemene lijnen vast te stellen.

Hoewel niet altijd duidelijk is waarom in het verleden openbare toiletten zijn gerealiseerd, lijkt er sprake van een verschuiving van de beweegredenen om openbare toiletten te realiseren. Eerst waren ze bedoeld als voorziening voor mannen die op straat werkten. Voor vrouwen bestond wel enige aandacht, maar dit was beperkt. In de jaren negentig gaat de aandacht vooral uit naar het bestrijden van wildplassen. Hoewel er ook toen al enige aandacht was voor de betekenis van openbare toiletten als voorziening voor iedereen, waaronder voor mensen met blaasproblemen, lijkt dit pas de overhand te krijgen in het initiatiefvoorstel dat leden van de gemeenteraad in 2018 indienden.

In de tweede plaats is er de verhouding tussen het gebruik van toiletten en de kosten. Openbare toiletten zijn niet kostendekkend. Als de investeringskosten van een nieuw MVG-toilet over twintig jaar kunnen worden afgeschreven, zijn de jaarlijkse kosten - inclusief onderhoud - minstens € 10.000. Op grond van de cijfers van het gebruik van de drie bestaande MVG-toiletten in stadsdeel Centrum kunnen we constateren dat de opbrengsten - bij een prijs van € 0,50 - lager zijn. De kosten lijken een belangrijke reden zijn geweest voor de gemeente om in de jaren zeventig de toen bestaande openbare toiletten te sluiten. Maar ook initiatieven van particulieren (Publex) lijken hier op stukgelopen. 

Een andere constatering is dat er bij de realisatie van openbare toiletten veel coördinatie in de gemeentelijke organisatie nodig is om tot uitvoering te komen. Er lijkt sprake van een gebrek aan doorzettingsmacht omdat de eindverantwoordelijkheid niet is belegd. Er zijn veel afdelingen bij betrokken: Verkeer & Openbare Ruimte, Groen, Ruimte en Duurzaamheid, het Ingenieursbureau, Stadswerken en de stadsdelen, elk vaak met een eigen rol en expertise. Een gebrek aan coördinatie in de ambtelijke organisatie en het ontbreken van een eindverantwoordelijke lijken mede een oorzaak voor het niet-realiseren van toiletten in parken, zoals in de Agenda Groen was beoogd, en ook voor het moeizaam tot stand brengen van nieuwe MVG-toiletten in de binnenstad.

Hoeveel toiletten zijn er?

In dit hoofdstuk beantwoorden we de onderzoeksvragen 2 tot en met 5: 

Hoeveel openbare toiletten zijn er in de stad?
Hoeveel openbare toiletten zijn geschikt voor vrouwen?
Hoeveel openbare toiletten zijn geschikt voor mensen met een fysieke beperking?
Zijn de openbare toiletten goed te vinden?

De gegevens zijn gebaseerd op gegevens van de gemeente en onze eigen observaties in februari en maart 2020.

Overzicht van aantal openbare toiletten

Totalen

Volgens onze inventarisatie van voorjaar 2020 zijn er in Amsterdam de volgende openbare toiletten :

Tabel 3.1 - Overzicht van openbare toiletten in Amsterdam in voorjaar 2020
In het gehele jaar geopend (M/V): waarvan voor minder validen:5650
Seizoensgebonden geopend (M/V):7
Urinoirs:waarvan krullen:  waarvan Uriliften:49418
Totaal:112

In Amsterdam zijn 112 openbare toiletten. Hiervan zijn 56 toiletten in het gehele jaar geopend. Er zijn 7 vaste seizoensgebonden  openbare toiletten en 49 urinoirs, waarvan 41 Amsterdamse krullen en 8 Uriliften. In de rest van dit rapport gaan we verder in op de toiletten die gedurende het gehele jaar geopend zijn. Een overzicht van seizoensgebonden openbare toiletten staat in bijlage 4.

Spreiding over de stadsdelen

De gedurende het gehele jaar geopende openbare toiletten zijn als volgt gespreid over stadsdelen:

Tabel 3.2 - Overzicht van in het gehele jaar geopende openbare toiletten
TypeCentrumNieuw-WestNoordOostWestZuidZuidoostStad
MVG-toilet9455812750
Alleen M/V2111 1 6
Totaal11566813756

Zuid en Centrum tellen de meeste openbare toiletten, respectievelijk 13 en 11. Nieuw-West heeft de minste: 5. Noord en Oost hebben er 6. West en Zuidoost hebben er net iets meer. Gelijkmatig gespreid zijn de toiletten niet: in verhouding tot de bevolking zijn er relatief veel in Zuid en Centrum en relatief weinig in Nieuw-West en Oost.

Kenmerken van openbare toiletten

In dit hoofdstuk lichten we verschillende kenmerken van de door ons geïnventariseerde openbare toiletten toe. De lijst met de toiletten, inclusief een samenvatting van de kenmerken, is te vinden in bijlage 3.

Soorten openbare toiletten

De lijst van openbare toiletten die we hier presenteren wijkt af van de gegevens die het college heeft gegeven over het aantal toiletten  en die ook terug te vinden zijn op maps.amsterdam.nl. Onze inventarisatie gaat uit van in het gehele jaar geopende openbare toiletten, die geschikt zijn voor mannen en vrouwen, onafhankelijk of die in beheer zijn bij de gemeente of bij anderen. Tot de 56 openbare toiletten op onze lijst rekenen we de vijf gemeentelijke toiletgebouwen op straat, de toiletten in stadsloketten en die bij de vestigingen van de openbare bibliotheek. Daarnaast openbare toiletten in winkelcentra, treinstations, fietsenstallingen, in parkeergarages en op parkeerterreinen, voor zover die voor iedereen toegankelijk zijn. Bij de stations en de garages houdt dat in dat je om toegang tot het toilet te krijgen geen OV-kaart hoeft te hebben of een parkeerkaartje.

De gemeente gaat bij haar overzichten van openbare toiletten op de website van de gemeente uit van door de gemeente beheerde toiletten. Naast de toiletgebouwen op straat gaat het daarbij om de toiletten in stadsloketten en in parken en door de gemeente beheerde parkeergarages en parkeerterreinen. De toiletten in parken zijn echter voor een deel alleen in het zomerseizoen geopend. De toiletten in parkeergarages zijn vaak alleen toegankelijk voor parkeerders - dus alleen met een parkeerbon.

Op grond van onze inventarisatie komen wij tot een hoger aantal openbare toiletten in Amsterdam, die gedurende het hele jaar geopend zijn, dan uit de gegevens van de gemeente blijkt.

Criteria MVG-toiletten

Er zijn door ons vijftig openbare toiletten voor mensen met een fysieke beperking geteld. Dat wil niet zeggen dat al deze toiletten voldoen aan alle criteria , die aan toiletten voor mensen met een fysieke beperking worden gesteld. Als we streng waren uitgegaan van alle criteria, was het aantal toiletten voor mensen met een fysieke beperking veel lager uitgekomen.

Een eerste punt betreft echter de openbaarheid van de toiletten zelf. Bij veel toiletten voor mensen met een fysieke beperking moet om de sleutel worden gevraagd. Dat is het geval bij de meeste vestigingen van de openbare bibliotheek, bij de treinstations en bij enkele winkelcentra. Wij hebben deze toiletten toch tot de openbare toiletten gerekend, omdat duidelijk is dat het wel in de bedoeling ligt dat deze toiletten voor een ieder toegankelijk zijn.

De reden voor dit 'sleutelbeleid' is ons niet altijd duidelijk. Bij de treinstations is het toilet voor mensen met een fysieke beperking gratis en voor de andere toiletten niet; dat is waarschijnlijk de achtergrond. Bij de openbare bibliotheken mogen de teamleiders van de vestiging bepalen of zij een 'sleutelbeleid' voeren. 

De criteria voor de toegankelijkheid van toiletten voor mensen met een fysieke beperking die we hebben gehanteerd zijn de omvang van de ruimte en de mogelijkheden om daarin te manoeuvreren met een rolstoel, de aanwezigheid van beugels ter weerszijde van de toiletpot en aan de binnenkant van de deur, de hoogte van de toiletpot en de wastafel, de aanwezigheid van een alarminstallatie en een naar buiten draaiende deur. Bovendien hebben we bekeken of de toegangsweg naar het toilet breed genoeg was, vlak en obstakelvrij.

Geen beugels aan de binnenkant van de deur was het meest door ons geconstateerde gebrek (veertien keer). Alarminstallaties ontbraken bij zes toiletten. Een enkele keer draaide de toegangsdeur naar binnen of was die erg zwaar. Een keer was de toiletruimte te klein, zie hieronder. Nergens ontbraken beugels bij het toilet; de toiletpot was in enkele toiletten niet verlaagd. Over de toegangsweg valt meer te opmerken. Vier keer was die smal of zelfs te smal, acht keer was er sprake van een hellend vlak of een duidelijke drempel en één keer van veel obstakels.

Uiteindelijk hebben we enkele toiletten afgewezen als toegankelijk voor mensen met een fysieke beperking. Bijvoorbeeld het toilet in de Q-Park parkeergarage op het Museumplein. Hier is de toegang te smal voor een rolstoel. De toiletruimte in de vestiging van de bibliotheek aan de Slotermeerlaan is zo klein, dat je hier niet met een rolstoel kunt manoeuvreren.

Openingstijden

De door ons geïnventariseerde toiletten zijn het gehele jaar geopend, maar dat wil niet zeggen dat ze continu open zijn. Vier van de vijf toiletgebouwtjes op straat, de toiletten in de stations en de fietsenstallingen en de toiletten in de RAI-parkeergarage en op het P&R-terrein Zeeburg zijn 24/7 open. In totaal zijn dat er twaalf.

De meeste andere toiletten zijn open als de voorziening open is waarin ze zijn gevestigd. Dus als mensen gebruikmaken van de voorziening. Dit betekent dat er 's avonds en in het weekend maar weinig toiletten beschikbaar zijn. In de avond zijn door de week de meeste toiletten in winkelcentra open met een sluitingstijd variërend van 20.00 tot 22.30 uur. In het Amstelpark zijn de toiletten geopend tot een half uur voor zonsondergang. Ook in het weekend kunnen toiletbezoekers bij de zojuist genoemde voorzieningen terecht. Daarnaast zijn op zaterdag overdag bijna alle vestigingen van de openbare bibliotheek open.  Op zondag zijn naast de hoofdvestiging 's middags nog vier vestigingen van de bibliotheek bereikbaar. In het weekend is overdag ook het toilet bij het busstation aan het Museumplein geopend.

In totaal ontstaat het volgende beeld van geopende toiletten gedurende een week: 

Tabel 3.3 - Aantal geopende toiletten per dag (onderdeel)
 Werkdag overdagWerkdag 21.00Zaterdag overdagZaterdag 21.00Zondag overdagZondag 21.00Nacht
Aantal geopende toiletten56 164716311612
Waarvan MVG-toiletten5013421227129
Kosten en betaalwijze

Van de 56 openbare toiletten zijn er 34 gratis. Hiertoe behoren twee van de vijf toiletgebouwtjes op straat, de toiletten in de stadsloketten, de meeste vestigingen van de bibliotheek, het Amstelpark, enkele winkelcentra en de RAI-parkeergarage. Bij de overige toiletten moet € 0,20 tot € 1,00 worden betaald. Soms krijgt men een voucher waarmee men ter plekke iets kan kopen. Op de treinstations moet betaald worden, maar is het toilet voor mensen met een fysieke beperking tussen 7.00 en 21.00 uur gratis.  Er moet betaald worden bij de drie toiletgebouwtjes in de binnenstad, in de meeste winkelcentra, op de stations, in de fietsenstalling op het Beursplein en bij de parkeergarage en het busstation op het Museumplein. Bij een enkele vestiging van de openbare bibliotheek moet ook betaald worden. Achtergrond hiervan is het voorkomen van overlast; de teamleider van de vestiging kan zelf tot deze maatregel besluiten. 

De wijze van betaling is meestal elektronisch, maar op drie van de vier treinstations kan alleen met cash worden betaald. Dat is ook het geval bij drie vestigingen van de bibliotheek en een winkelcentrum. Bij een ander winkelcentrum zijn beide betalingswijzen mogelijk. Op het P&R-terrein Zeeburg kan alleen betaald worden via de telefoon.

Vindbaarheid

Of openbare toiletten vindbaar zijn, zijn we nagegaan door op straat in een cirkel van 100 tot 200 meter na te gaan of er richtingbordjes waren. Verder hebben we bekeken in hoeverre bij de toegang van gebouwen of terreinen aanwijzingen zijn te vinden over de aanwezigheid van toiletten. In de gebouwen en op de terreinen zijn we dergelijke informatie ook nagegaan.

Over de vindbaarheid van openbare toiletten op straat kunnen we kort zijn: Amsterdamse openbare toiletten zijn op straat nauwelijks te vinden. Tot voor kort was er geen enkele aanduiding naar openbare toiletten op straat te vinden. Eind maart 2020 heeft de gemeente op enkele bewegwijzeringsbordjes voor voetgangers ook aanduidingen naar openbare toiletten laten aanbrengen. Het gaat daarbij om de vijf openbare toiletgebouwen van de gemeente en de toiletten in de stadsloketten. De aanduidingen zijn erg klein. Bovendien staan ze lang niet op alle bewegwijzeringsbordjes. Rond het Waterlooplein staan er bijvoorbeeld diverse, maar slechts bij een van de masten is een richtingbordje aangebracht.

Al eerder zijn er richtingwijzers aangebracht op de informatiezuilen op het Leidseplein en het Beursplein.  Voor de rest moet je de toiletten kennen of gebruikmaken van een app als de Hoge Nood app.

De toezegging die het college deed in zijn brief aan de gemeenteraad in november 2019  om in de loop van 2020 te beginnen met vermelding van de toiletvoorzieningen op het bewegwijzeringssysteem voor voetgangers is dus gestart.
Binnen de gebouwen of op de terreinen waar de toiletten zijn, zijn vrijwel altijd wel richtingbordjes te vinden. Op de deuren van de stadsloketten geven stickers aan dat er binnen openbare toiletten beschikbaar zijn.  Ook bij sommige andere voorzieningen staat bij de ingang aangegeven dat en waar er binnen openbare toiletten zijn (Amstelpark, sommige winkelcentra, parkeergarage Museumplein). Voor zo goed als alle toiletruimtes geldt dat op de deuren of ruimtes staat aangegeven dat er zich toiletten bevinden. Door een banier is het toilet op Leidseplein goed zichtbaar, maar op de overige toiletten op straat is erg klein en in weinig contrast aangegeven dat zich in het gebouwtje een toilet bevindt.

Conclusies

Op grond van onze inventarisatie kunnen we concluderen dat er in totaal 112 openbare toiletten in Amsterdam zijn, waarvan er 56 geschikt zijn voor mannen en vrouwen en 50 geschikt voor mensen die van een rolstoel afhankelijk zijn. 12 toiletten zijn dag en nacht geopend, waarvan 9 voor mensen in een rolstoel. 's Avonds is nog een klein aantal toiletten meer open. 34 van de 56 toiletten zijn gratis; bij de andere moet een klein bedrag worden betaald, variërend van € 0,20 tot € 1,00.

Op straat is de vindbaarheid van de toiletten slecht. Hoewel de gemeente onlangs aanwijzingen heeft laten aanbrengen op bestaande bewegwijzeringsborden voor voetgangers zijn verreweg de meeste openbare toiletten niet op straat aangegeven. Je moet ze dus weten te liggen of anders gebruikmaken van een app.

Norm van 500 meter

In dit hoofdstuk beantwoorden we onderzoeksvraag 6:

In hoeverre wordt al voldaan aan de norm van 500 meter afstand in het stadscentrum en in drukke voetgangersgebieden?

In paragraaf 4.1 bakenen we af welk(e) gebied(en) onder het stadscentrum en drukke voetgangersgebieden moet(en) worden verstaan. Op grond hiervan en onze inventarisatie van openbare toiletten (zie hoofdstuk 3.1) stellen we in paragraaf 4.2 vast of binnen een straal van 500 meter in deze gebieden overal openbare toiletten aanwezig zijn. Ook ‘blinde vlekken’ stellen we vast.

Wat verstaan we onder drukke voetgangersgebieden?

De gemeente Amsterdam heeft verkeersnetten bepaald voor fietsers, openbaar vervoer, auto's en voetgangers. In deze verkeersnetten heeft ze ook aangegeven op welke plaatsen een bepaalde verkeersdeelnemer het belangrijkst is. Dat wordt het Plusnet genoemd. Voor het Plusnet Voetganger - dus de gebieden waar de voetganger het belangrijkst is - hanteert de gemeente de volgende definitie: 'Het Plusnet Voetganger zijn straten en pleinen die zowel een doorgaande functie (een route) als een verblijfsfunctie hebben. Op dit Plusnet met veel publieksfuncties op de begane grond is het de hele dag druk, of zijn er op bepaalde momenten van de dag duidelijk pieken in het aantal voetgangers. Door het wisselende gedrag van de voetganger vraagt het Plusnet om relatief meer ruimte, comfort en kwaliteit.' 

De Toiletalliantie roept alle gemeenten op om in drukke voetgangersgebieden en verblijfsgebieden (parken en (wijk)winkelcentra) elke 500 meter voor een toilet te zorgen. In de voortgangsbrief over het initiatiefvoorstel Baas over eigen blaas, heeft het Amsterdamse College het begrip 'drukke voetgangersgebieden' als volgt uitgewerkt:

"Het Plusnet Voetganger  zoals vastgesteld in het Beleidskader Verkeersnetten (2017)  omvat straten en pleinen die zowel een doorgaande functie (een route) als een verblijfsfunctie hebben. Daaraan zijn […] de stadsparken toegevoegd, omdat deze een belangrijke verblijfsfunctie hebben en steeds drukker bezocht worden." (p. 5-6)

Voor het beantwoorden van onderzoeksvraag 6 kiezen wij ervoor om dezelfde uitwerking aan te houden als het college . Onder drukke voetgangersgebieden verstaan we dus:

Het Amsterdamse Plusnet Voetganger, inclusief pleinen met verblijfsfunctie en parken. In figuur 4.1 staat de kaart weergegeven met deze straten, pleinen en parken. Dit Plusnet Voetganger is 506.784 meter lang. 

Figuur 4.1 - Plusnet Voetganger, inclusief pleinen en parken

In hoeverre staat er in drukke voetgangersgebieden binnen 500 meter een openbaar toilet?

Zoals toegelicht in paragraaf 2.2.2 heeft de gemeente Amsterdam de dekkingsgraad van (semi)openbare MVG-toiletten op het Plusnet Voetganger (inclusief parken en pleinen die daar deel van uitmaken) in beeld gebracht.  In navolging daarvan brengen wij in dit hoofdstuk de dekkingsgraad in kaart op basis van de toiletten die wij hebben geïnventariseerd (zie figuur 4.2). Wij volgen hierbij onze definitie van openbaar toiletten, zoals we die in paragraaf 1.4 hebben gegeven. De opengestelde toiletten - zoals weergegeven in de Hoge Nood app en waarmee de gemeente Amsterdam haar analyse van beschikbare toiletten heeft verrijkt - laten we buiten beschouwing. We realiseren ons dat ook deze opengestelde toiletten van groot belang zijn om de stad toegankelijk voor iedereen te maken.

Figuur 4.2 - Openbare toiletten in Amsterdam

We maken inzichtelijk op welke delen van het Plusnet Voetganger de norm van 'binnen 500 meter een openbaar MVG-toilet' wel en niet gehaald wordt. Het gaat hier om 500 meter loopafstand over de weg. In parken hebben we hiervoor de looppaden aangehouden en op pleinen de looproute rondom het plein (eventueel aangevuld met aangegeven looppaden op een plein). De wijze waarop we de dekkingsgraad in kaart gebracht hebben, staat in bijlage 5.

Dekkingsgraad

We hebben 50 rolstoeltoegankelijke toiletten geïdentificeerd (zie paragraaf 3.2.1 en figuur 4.2). Uitgaande van deze toiletten, is er op 41% van het Plusnet Voetganger binnen 500 meter een rolstoeltoegankelijk toilet.  Op de overige onderdelen van het Plusnet Voetganger zijn de afstanden langer dan 500 meter. Voorgaande staat in figuur 4.3. Hierop is het Plusnet Voetganger (inclusief de looppaden in parken en op pleinen) in rood aangegeven. De gebieden die zich binnen 500 meter (over de weg) van een openbaar en toegankelijk toilet bevinden, zijn groen gekleurd. Waar deze overlappen, voldoet het Plusnet Voetganger aan de 500 meter norm.

Figuur 4.3 - Plusnet Voetganger en dekking rolstoeltoegankelijke openbare toiletten

De gemeente Amsterdam heeft aangegeven dat op 15% van het Plusnet Voetganger binnen 500 meter een rolstoeltoegankelijk toilet is.  De gemeente is bij deze berekening uitgegaan van de gemeentelijke toiletvoorzieningen (de vijf openbare toilethuisjes en de zeven stadsloketten).  Omdat wij de dekkingsgraad berekend hebben met een groter aantal toiletten verspreid over de stad, valt deze bij ons logischerwijs hoger uit.

Wanneer we rolstoeltoegankelijkheid niet als criterium meenemen , en dus uitgaan van alle 56 openbare toiletten die we identificeerden (zie paragraaf 3.2.1 en de oranje toiletten in figuur 4.2) is op 43% van het Plusnet Voetganger binnen 500 meter een openbaar toilet. Dit betekent dat er gebieden zijn waar iemand zonder rolstoel wél en iemand in een rolstoel níet binnen 500 meter toegankelijk een openbaar toilet kan vinden. Op het Plusnet Voetganger betreft dit het gebied rondom De Oude Kerk-Zeedijk, de omgeving ten zuiden van het Vondelpark (een deel van de P.C. Hooftstraat, Willemsparkweg en Van Obrechtstraat), een deel van de Zuidelijke Grachtengordel (ten oosten van de Spiegelgracht), en Plein 40-45.  

Gebieden die voldoen aan de 500 meter norm

Uit de berekening van de dekkingsgraad horende bij de Voortgangsbrief uitvoering initiatiefvoorstel Baas over eigen Blaas bleek al dat de gebieden rondom het Leidseplein, Koningsplein-Spui, Waterlooplein, Sarphatipark en de zeven stadsloketten voldoen aan de 500 meter norm. Hieronder staat welke gebieden wij hier, op basis van onze inventarisatie van 50 MVG-toiletten, aan toevoegen. Een volledig overzicht van gebieden die voldoen aan de 500 meter norm hebben we in de vorige paragraaf weergegeven in figuur 4.3.

(Historisch) centrum
Binnen het (historisch) centrum voldoen de omgeving van Centraal Station-Damrak-Dam-Rokin, het Oosterdok, de omgeving Rozengracht-Negen straatjes aan de 500 meter norm. Ditzelfde geldt voor de Nieuwmarktbuurt inclusief het deel van de Wallen ten zuidwesten van de Nieuwmarkt.

Winkelgebieden
Het gebied rondom het Museumplein-Van Baerlestraat voldoet aan de 500 meter norm. Hetzelfde geldt voor een groot deel van de Pijp en het gebied rondom het Olympisch Stadion. Winkelgebieden als de Spaarndammerstraat, De Clercqstraat, Frederik Hendrikstraat, de Kinkerstraat en een deel van de Staatsliedenbuurt, een deel van de Bos en Lommerweg en Admiraal de Ruijterweg, de Van der Pekstraat, en de omgeving Javastraat-Molukkenstraat bevinden zich allen binnen 500 meter van een openbaar en toegankelijk toilet.

Pleinen en winkelcentra die in de buurt liggen van de stadsloketten voldoen volgens de berekening van de gemeente aan de 500 meter norm.  Wij voegen hier op basis van onze inventarisatie  de volgende winkelgebieden aan toe: Kalverpassage, Gelderlandplein, Akerpoort, De Banne, Shopperhal Bijlmerdreef, en Woonmall Villa Arena.

Parken
Van de stadsparken voldoet alleen het Amstelpark aan de 500-meter norm. 

OV-punten
Van de stations die behoren tot of aansluiten op het Plusnet Voetganger voldoen Amsterdam Centraal, Amsterdam Amstel, Amsterdam Muiderpoort en Amsterdam Sloterdijk aan de 500 meter norm. Ook metrostation Reigersbos voldoet aan de norm.

Uitgaansgebieden
In het voorgaande zijn we voor het berekenen van de dekkingsgraad uitgegaan van de openingstijden overdag. De onderstaande figuren geven het gebied binnen 500 meter vanaf de rolstoeltoegankelijke openbare toiletten aan die om 21.00 uur geopend zijn  (figuur 4.4) en het gebied binnen 500 meter vanaf de rolstoeltoegankelijke openbare toiletten die in de nacht open zijn (figuur 4.5). Vanuit deze figuren wordt duidelijk dat het aantal toegankelijke toiletten op deze tijden een stuk lager is. Logischerwijs voldoen minder gebieden op het Plusnet Voetganger op deze tijden aan de 500 meter norm.

Uitgaansgebieden die zich in de nacht wél binnen 500 meter van een rolstoeltoegankelijk openbaar toilet bevinden, zijn:

  • Omgeving Centraal station
  • Leidseplein-Koningsplein
  • Omgeving RAI-Europaplein
  • Omgeving Arena Boulevard

Uitgaansgebieden die zich - aanvullend op de hierboven staande lijst - om 21.00 uur binnen 500 meter van een rolstoeltoegankelijk openbaar toilet bevinden, zijn:

  • Omgeving Damrak-Dam-Paleisstraat-Raadhuisstraat-Nieuwezijds Voorburgwal
  • Oosterdok
  • Negen straatjes
Figuur 4.4 - Dekking rolstoeltoegankelijke openbare toiletten om 21.00 uur
Figuur 4.5 - Dekking rolstoeltoegankelijke openbare toiletten in de nachtGebieden waar de 500 meter norm niet gehaald wordt

(Historisch) centrum
Gebieden waar de norm niet gehaald wordt zijn (een groot deel van) de Wallen, een deel van de westelijke grachtengordel en de Jordaan. Dit geldt ook voor gebieden die aansluiten op de omgeving van het Centraal Station (Westerdoks- en Oosterdokseiland), de Zeedijk en de Geldersekade. En ten slotte voor de omgeving Utrechtsestraat-Amstel en de Vijzelstraat en omgeving.

Winkelgebieden
Straten ten noorden van de Albert Cuypmarkt, de omgeving van de Noordermarkt en de Haarlemmerbuurt bevinden zich niet binnen 500 meter van een openbaar, toegankelijk toilet. Hetzelfde geldt voor straten ten noorden, westen en zuiden van het Vondelpark. Ook de 'losse' straten en pleinen die onderdeel uitmaken van het Plusnet Voetganger bevinden zich vaak niet binnen 500 meter van een rolstoeltoegankelijk openbaar toilet. Dit geldt bijvoorbeeld voor het Hoofddorpplein, (de omgeving van) het zuidelijk deel van de Admiraal de Ruiterweg, (een deel van) de Burgemeester de Vlugtlaan, Beethovenstraat, Scheldestraat, Rijnstraat, Eerste Van Swindenstraat en de Eerste Oosterparkstraat.

Parken
In de parken blijkt nauwelijks een openbaar, toegankelijk toilet te zijn binnen 500 meter afstand. En als er wel een openbaar toegankelijk toilet in de buurt is, dekt deze slechts een (klein) deel van het park af (zie tabel 4.1). In (de buurt van) parken als het Vondelpark, Sloterpark, Oosterpark, Noorderpark, Baanakkerspark, Nelson Mandelapark en Gaasperpark bevinden zich geen of nauwelijks openbare toiletten die toegankelijk zijn. In verschillende parken bevinden zich vaste seizoensgebonden toiletten.  Deze zijn
- grofweg - geopend tussen mei en september (zie paragraaf 3.2.3). De dekkingsgraad in de betreffende parken ligt in die maanden logischerwijs hoger.

Tabel 4.1 - Parken en de 500 meter norm
Deel van het park ligt binnen 500 meter van een openbaar toiletPark ligt niet binnen 500 meter van een openbaar toilet
Westerpark, Erasmuspark, Rembrandtpark, Beatrixpark, Oosterpark, Nelson Mandelapark, Eendrachtspark, Gerbrandypark.Vondelpark, Noorderpark , Park Frankendael, Flevopark, Baanakkerspark, Schellingwouderbreek , Martin Luther King Park, Sloterpark , Gaasperpark, Hondenpark, Theo van Goghpark, Riethoek, Bijlmerweide.

OV-punten
De norm wordt met regelmaat niet gehaald in de omgeving van openbaar vervoerpunten die worden gerekend tot het Plusnet Voetganger. Dit geldt voor de treinstations Zuid-WTC, RAI, Lelylaan en Sciencepark (zoals ook gerapporteerd in de Voortgangsbrief van de gemeente). Maar ook voor metrostations als Ganzenhoef, Kraaiennest en Gein en de Veerpont-aanlegplaatsen bij de Buiksloterweg en NDSM-pier.

Uitgaansgebieden
Gebieden die tijdens horecatijden (21.00 uur, zie figuur 4.4) en nachttijden (zie figuur 4.5) (relatief) druk bezocht worden, maar op die tijden buiten 500 meter van een rolstoeltoegankelijk toilet liggen, zijn:

  • Omgeving Damrak-Dam-Nieuwendijk-Nieuwezijds Voorburgwal (na 22.00 uur)
  • Nieuwmarkt
  • De Wallen
  • Rembrandtplein
  • De Pijp
  • Museumplein en omgeving
  • Hannie Dankbaarpassage en omgeving
  • Oosterpark en omgeving
  • Station Muiderpoort
  • NDSM-werf
Vergelijking dekkingsgraadonderzoek gemeente en rekenkamer

In de voorgaande twee paragrafen zijn we ingegaan op gebieden die wel of niet aan de 500 meter norm voldoen. Daarin hebben we een vergelijking gemaakt tussen de dekkingsgraadanalyse van de gemeente (op basis van twaalf openbare toiletten die door de gemeente beheerd worden) en onze eigen analyse (op basis van vijftig rolstoeltoegankelijke toiletten). Tabel 4.2 geeft ons oordeel weer over de gebieden die op basis van het onderzoek van de gemeente niet aan de 500 meter norm voldeden. Het gaat hier om de situatie op werkdagen, overdag.

Op basis van onze inventarisatie voldoen overdag de omgeving Rembrandtplein en Olympisch stadion wel aan de 500 meter norm, evenals een deel van de Wallen en Nieuwmarktbuurt, verschillende winkelstraten in West en Oost en het Amstelpark. Zoals ook aangegeven in de voorgaande paragrafen, zijn op basis van beide onderzoeken de grootste probleemgebieden de Westelijke grachtengordel, de Jordaan, diverse stations en winkelgebieden/-centra en het grootste deel van de stadsparken.

Tabel 4.2 - Gebieden vergeleken
Onderzoek gemeente:
Gebieden die niet aan de 500 m norm
voldoen 
Onderzoek rekenkamer:
Gebied voldoet overdag wel/niet/deels aan de
500 m norm
Westelijke grachtengordelDeels
JordaanNiet
Omgeving RembrandtpleinWel
Omgeving Olympisch StadionWel
Stationsomgevingen (Centraal, Lelylaan, Sloterdijk, Zuid, Muiderpoort, Arena, Sciencepark, Holendrecht)Wel: Centraal, Sloterdijk, Arena, MuiderpoortNiet: Lelylaan, Zuid, Sciencepark, Holendrecht 
DamWel
NieuwmarktbuurtDeels
WallenDeels
Winkelgebieden: De Clerckstraat, Frederik Hendrikstraat, Amstelveenseweg, Haarlemmerstraat, Kinkerstraat, Beethovenstraat, Gustav Mahlerlaan, Javastraat, Veemkade, Plein 40-45, Belgieplein, Lambertus Zijlplein.Wel: De Clerckstraat , Frederik Hendrikstraat, Kinkerstraat, Javastraat, Lambertus Zijlplein. Deels: Amstelveenseweg, Niet: Haarlemmerstraat, Beethovenstraat, Gustav Mahlerlaan, Veemkade, Plein 40-45, Belgiëplein 
Winkelcentra: Gelderlandplein, Akerpoort, De Banne, Amsterdamse Poort, De Kameleon, de Ganzenpoort, Berlage Passage, Brazilië, Gein, ReigersbosWel: Gelderlandplein, Akerpoort, De Banne, Berlage Passage, Amsterdamse Poort.Niet: De Kameleon, de Ganzenpoort, Brazilië, Gein, Reigersbos.
Stadsparken (Vondelpark, Westerpark, Amstelpark, Noorderpark, Beatrixpark, Oosterpark, Frankendael, Flevopark, Baanakkerspark, Martin Luther Kingpark, Eendrachtspark, Sloterpark, Gaasperpark, Nelson Mandelapark, Hondenpark, Gerbrandypark, Theo van Goghpark, Riethoek, Bijlmerweide)Wel: AmstelparkDeels: Westerpark, Beatrixpark, Oosterpark, Nelson Mandelapark, Eendrachtspark, GerbrandyparkNiet: Vondelpark, Noorderpark, Park Frankendael, Flevopark, Baanakkerspark, Schellingwouderbreek, Martin Luther King Park, Sloterpark, Gaasperpark, Hondenpark, Theo van Goghpark, Riethoek, Bijlmerweide.

Conclusies

Op 41% van het Plusnet Voetganger is er binnen 500 meter een rolstoeltoegankelijk openbaar toilet aanwezig. Wanneer we rolstoeltoegankelijkheid niet als criterium meenemen en dus uitgaan van alle 56 openbare toiletten die we identificeerden, is op 43% van het Plusnet Voetganger binnen 500 meter een openbaar toilet.

Gebieden waar de norm niet gehaald wordt, zijn een groot deel van de Wallen, de Zeedijk en de Geldersekade, een deel van de westelijke grachtengordel, de Jordaan en de Haarlemmerbuurt, en de omgeving van de Utrechtsestraat-Weesperzijde en Vijzelgracht. Net buiten de binnenstad gaat het om straten ten noorden van de Albert Cuypmarkt en straten ten noorden, westen en zuiden van het Vondelpark. Ook de afzonderlijke winkelstraten en pleinen die onderdeel uitmaken van het Plusnet Voetganger bevinden zich vaak niet binnen 500 meter van een rolstoeltoegankelijk openbaar toilet. De norm wordt met regelmaat niet gehaald in de omgeving van openbaar vervoerpunten die worden gerekend tot het Plusnet Voetganger. In de meeste parken blijkt nauwelijks een (rolstoeltoegankelijk) toilet beschikbaar te zijn binnen 500 meter afstand. Ten slotte liggen uitgaansgebieden - met uitzondering van omgeving van het Centraal Station, Leidseplein, Europaplein en Arenaboulevard - in de nacht verder dan 500 meter van een rolstoeltoegankelijk openbaar toilet.

Bijlagen

Bijlage 1 - Lijst van geïnterviewde personen

  1. Naam
Functie
Bastmeijer, A.Voormalig beleidsmedewerker bestuursafdeling stadsdeel Centrum (destijds Dienst Binnenstad)
Bolle, J.Beleidsadviseur Zorg, Coördinator Toegankelijkheid / VN-verdrag Handicap
Brugman, O.Bestuursadviseur openbare ruimte, groen en dierenwelzijn
Elbers, C.Senior adviseur groene en ruimtelijke ontwikkelingen parken, Coördinator groen, Landschapsontwerper
Gelder, R., vanProjectmanager Ingenieursbureau Ruimte en Economie
Oudshoorn, A.J.Coördinator team openbare ruimte beleid
Thonon, I.Beleidsadviseur Toiletalliantie - Maag Lever Darm Stichting

Bijlage 2 - Verantwoording observatieonderzoek

Observaties geven de mogelijkheid om op een gestructureerde manier de openbare toiletten zelf te bekijken en ons een meer gedetailleerd en rijker beeld te vormen van de toegankelijkheid ervan.

Welke items hebben we geobserveerd?
Observaties vonden plaats aan de hand van een observatielijst. Als uitgangspunt voor de observatielijst namen we de Integrale Toegankelijkheidsstandaarden (2011 en 2018) als uitgangspunt.  Uit deze documenten hebben we de volgende observatiecriteria gedestilleerd:

A. Geschikt voor vrouwen?

  • Op zijn minst een deur

B.1 Geschikt voor mensen in een rolstoel? - toilet

  • Vrije draaicirkel in de ruimte van 1,5 m
  • (Wegklapbare) beugels aanwezig
  • Zithoogte 0,45-0,5 m
  • Verlaagde wastafel (bovenkant 0,8-0,85 m boven de vloer)
  • Alarminstallatie

B.2 Geschikt voor mensen in een rolstoel? - toegang en omgeving

  • Voor de deur obstakelvrij gebruiksvlak > 2 x 2 m
  • Breedte deur 85 cm of meer
  • Naar buiten draaiende deur (of schuifdeur)
  • Deur kan met twee vingers worden open getrokken
  • Horizontale beugel op binnenzijde deur
  • Geen drempel of niet overbrugd hoogteverschil
  • Route buiten vlak
  • Route buiten minimaal 0,9 m breed en vrij van obstakels

C. Vindbaarheid

  • Aanduiding ‘openbaar toilet’ en ‘V/G’ of rolstoelsymbool is op openbare weg aanwezig binnen 100-200 m
  • Aanduiding is goed zichtbaar vanaf 100 m
  • Aanduiding is goed leesbaar (minimaal ca. 10 cm hoog en niet rood-groen)
  • Aanduiding is op het toiletgebouw zelf aanwezig en zichtbaar

Daarnaast hebben we van elk toilet de locatie, openingstijden, eventuele kosten en betaalwijze genoteerd.

Om de tijdsbesteding per observatie te beperken hebben we ervoor gekozen om hoogtes (bijvoorbeeld of een toilet hoger of lager dan 50 cm was) en breedtes (bijvoorbeeld of een toegangspad breder of smaller dan 90 cm was) op het oog te schatten.

Waar hebben we geobserveerd?
We hebben op basis van een zoektocht op internet (website van gemeente Amsterdam, private uitbaters van openbare toiletten, winkelcentra, toeristische informatie- en evaluatiesites, etc.) naar mogelijke openbare toiletten (geschikt voor vrouwen en/of mensen in een rolstoel) een lijst opgesteld van te bezoeken toiletten. In totaal bestond deze lijst uit 86 locaties in Amsterdam. Deze hebben we allemaal bezocht. Een aantal locaties hebben we meer dan één keer bezocht, omdat deze, bijvoorbeeld, bij de eerste observatie gesloten of defect was.

Hoe hebben de observatoren gewerkt?
Twee medewerkers van de rekenkamer hebben observaties uitgevoerd. De eerste observatie is gezamenlijk uitgevoerd aan de hand van de opgestelde observatielijst om een eenduidige werkwijze te ontwikkelen. Na de eerste gezamenlijke observatie, gingen observatoren uiteen en observeerden de aan hen toebedeelde bureaus zelfstandig. De toiletten zijn geobserveerd in de periode van 18 februari 2020 tot en met 10 maart 2020. Op 17 en 20 april 2020 zijn aanvullende observaties uitgevoerd naar de bewegwijzeringsborden die de gemeente op 27 maart 2020 heeft laten plaatsen.

Van elke locatie is een papieren observatieformulier ingevuld. Ook zijn op elke locatie foto's gemaakt. Op het observatieformulier was ruimte voor aantekeningen over opvallende zaken, situatiebeschrijvingen en twijfelpunten. Twijfelpunten en opvallende zaken zijn door de twee onderzoekers besproken aan de hand van de gemaakte foto's en aantekeningen.

Hoe zijn de observaties geanalyseerd?
Alle observatieformulieren zijn ingevoerd in Excel. Het bestand is vervolgens geschoond; toiletten die we niet als openbaar toilet zagen (bijvoorbeeld omdat ze zich in een afgesloten parkeergarage bevonden of omdat ze onderdeel waren van een restaurant - en dus opengesteld zijn) hebben we verwijderd. Dertig toiletten hebben we als 'niet-openbaar' geclassificeerd.

De analyses hebben we uitgevoerd in het geschoonde Excel-bestand. Deze analyses waren beperkt tot tellingen (bijvoorbeeld: hoe vaak kwam het voor dat een toilet niet rolstoeltoegankelijk was doordat een drempel te hoog was of doordat een toilet niet verlaagd was, hoe vaak stond een toilet aangegeven op bewegwijzering, etc.).

Samenvattend

OmschrijvingAantal
Geobserveerde toiletten86
Toiletten geclassificeerd als 'niet openbaar'30
Toiletten geclassificeerd als 'openbaar'56
Toiletten geclassificeerd als 'openbaar en toegankelijk'50

Bijlage 3 - Overzicht van het gehele jaar geopende  openbare toiletten in Amsterdam

Locatie, straatMVGOpeningstijdenBetaald
nee/prijs
HoeOpmerkingen
Centraal Station, IJhalja24/7€ 0,70
G: gratis
elektronischGeen beugel op deur
Loetje Centraaljadagelijks
8-22.30
€ 1,00elektronischSleutel vragen voor G-toilet; geen beugel op deur
OBA Oosterdokskadejama-vr: 8-22,
za-zo: 10-22
nee-Deur is zwaar afgesteld
Beursplein, fietsenstallingnee24/7€ 0,50elektronischAlleen toegankelijk via trap
Magna Plaza NZ Voorburgwaljadagelijks
11-22
€ 1,00 (incl. voucher)elektronischVrij smalle gang waar deur naar buiten draait; bellen voor G-toilet
Kalverpassage Kalverstraatjama, di, wo,
vr, za: 9-19,
do: 9-21,
zo: 11-18.30
€ 1,00elektronischVoor G-toilet aanbellen via intercom; geen beugel op deur
Stadsloket Centrum Amsteljama, di, wo,
vr: 8-18,
do: 8-20
nee  
Waterlooplein op de marktja24/7€ 0,50elektronischToegang niet vlak en met drempel
Koningspleinja24/7€ 0,50elektronisch 
Leidsepleinja24/7€ 0,50elektronisch 
Fietsenstalling Paradisonee24/7nee  
Leidsebosjeja24/7nee Toegang hellend vlak
OBA Spaarndammer-buurt, Spaarndammer-straatjama: 14-17.30,
di-vr: 9.30-17.30,
za: 11-17
nee Voor G-toilet sleutel vragen bij balie
OBA Bos en Lommer, Bos en Lommerwegjama: 14-17.30,
di-vr: 9.30-17.30, za: 11-17
zo: 13-17
nee Voor G-toilet sleutel vragen bij balie smalle toegang; geen beugel op deur
OBA MercatorpleinTijdelijk gesloten    
OBA De Hallen, Hannie Dankbaarpas-sagejama: 9-19,
di-wo-vr: 9-19,
do: 9-20,
za: 9.30-18,
zo: 10-18
nee Voor G-toilet sleutel vragen bij café; forse drempel
OBA Staatslieden-buurt, Van Hallstraatjama: 14-17.30,
di, wo, vr: 9.30-17.30,
do: 14-20,
za: 11-17
nee Voor G-toilet sleutel vragen bij balie; geen beugel op deur
Stadsloket West Bos en Lommerwegjama, di, wo, vr 8-18, do: 8-20nee  
Station Sloterdijkja24-7€ 0,70
G: gratis van 7-21
7-21: alleen cash, nacht: elektronischBemenst. Voor G-toilet: sleutel vragen aan personeel
Q-park Museumpleinneedagelijks
12-17.30
€ 1,00elektronischToegang te smal voor rolstoel
Busstation Paulus Potterstraatjadagelijks
11.30-17
€ 1,00elektronischBemenst. Voor G-toilet sleutel vragen aan personeel
Sarphatiparkja'overdag'nee Drempel en hoogteverschil
OBA Roelof Hartpleinjama: 14-17.30,
di-wo-vr-za: 9.30-17.30,
do: 9.30-20,
zo: 13-16.30
€ 0,20
G-gratis
alleen cashVoor G-toilet sleutel vragen bij balie; een beugel op deur
OBA CC Amstel, Cullinanpleinjama-do: 14-17.30, di-wo-vr: 9.30-17.30,
za: 11-17
nee  
OBA Buitenveldert, Willem van Weldammelaanjama: 14-17.30,
di-wo-vr: 9.30-17.30,
do: 9.30-20,
za: 11-17
nee Voor G-toilet sleutel vragen aan balie; toilet niet verlaagd; deur draait naar binnen; geen beugel op deur
OBA Olympisch kwartier, Laan der Hesperidenjama: 14-17.30,
di-wo-vr: 9.30-17.30,
do: 14-20,
za: 11-17
nee  
Winkelcentrum Gelderlandpleinjadagelijks
9-20
€ 1,00.
G: € 0,50
cash en elektronisch G: alleen cashToegang iets hellend
RAI P&Rja24/7nee  
Stadsloket Zuid Pres. Kennedylaanjama-wo, vr: 8-18, do: 8-20nee  
Amstelpark bij de kinderboerderijjadagelijks
10-15:15
nee Hoge drempel, geen beugel op deur; geen alarm
Amstelpark, tussen Orangerie en Boekenpaaljadagelijks 8-half uur voor zonsondergangnee Toegang hellend; deur draait naar binnen; geen beugel; geen alarm; toiletpot niet laag
Amstelpark, bij Giro paviljoenjadagelijks 8-half uur voor zonsondergang  Deur erg zwaar
Amstelstationja24/7€ 0,70
G: gratis van 7-21
elektronischVoor G-toilet toegang vragen aan personeel
OBA Linneaus, Linnaeusstraatjama: 14-17.30,
di, wo, vr, za: 9.30-17.30,
do: 9.30-20
nee Voor G-toilet sleutel vragen bij balie; geen beugel op deur
Stadsloket Oost Oranje Vrijstaatkadejama-wo, vr: 8-18, do: 8-20nee  
OBA Javapleinjama: 14-17.30,
di, wo, vr, za: 9.30-17.30,
do: 9.30-20,
zo: 13-16.30
nee Voor G-toilet sleutel vragen bij balie; toegang smal
OBA IJburg, Diemerparklaanjama, di: 14-17.30, wo, do, vr: 9.30-17.30,
za: 11-17
nee Voor G-toilet sleutel vragen bij balie; toegang hellend vlak en met obstakels
P&R Zeeburgnee24/7€ 0,60telefonischToegang onduidelijk en niet gebruiksvrien-delijk
Stadsloket Noord Buikslotermeer-pleinjama-wo, vr: 8-18,
do: 8-20
nee  
Winkelcentrum Bannejama-za: 8-20,
zo: 10-18
€ 0,50alleen cashAlleen MVG; geen alarm en geen beugel op deur
OBA Banne, Bezaanjachtpleinneema-vr: 9-18€ 0,50alleen cashIn gemeenschap-pelijke toegang met Huis van de Wijk; beneden in het winkelcentrum is wel MVG
OBA Van der Pek, Gentiaanstraatjama: 14-17.30,
di-za: 9.30-17.30
nee Alleen MVG; sleutel vragen bij balie; geen alarm en geen beugel op deur
OBA Molenwijkjama: 14-17.30,
di, wo, vr: 9.30-17.30,
do: 9.30-20,
za: 11-17
€ 0,20alleen cashAlleen MVG
OBA Waterlandpleinjama-vr: 9-18€ 0,50verzoek om geld in doosje op balie te doenIn gemeenschap-pelijke toegang met Huis van de Wijk
Stadsloket Nieuw West Osdorppleinjama-wo, vr: 8-18, do: 8-20nee  
OBA Osdorppleinjama: 14-17.30,
di, wo, vr, za: 9.30-17.30,
do: 9.30-20
nee Geen beugel op de deur
OBA Slotermeerlaanneema 14-17.30,
di, wo, vr: 9.30-17.30,
do: 9.30-20,
za: 11-17
€ 0,20alleen cash1 toilet, bedoeld als MVG; geen manoeuvreer-ruimte; geen alarm; geen beugels
OBA Geuzenveld, Albardakadejama-vr: 9-22,
za: 9.30-16.30
nee In gemeenschap-pelijke toegang met Huis van de Wijk; geen beugel op deur
Winkelcentrum Akerpoortjama-vr: 9-21,
za: 9-18,
zo: 12-18
nee Geen alarm
Stadsloket Zuidoost Anton de Kompleinjama-wo, vr: 8-18,
do: 8-20
nee  
Winkelcentrum Shopperhaljama-wo, vr, za: 9-18,
do: 9-19
€ 0,50alleen cashBemenst; geen alarm
OBA Bijlmerpleinjama: 14-17.30,
di, wo, vr, za: 9.30-17.30,
do: 9.30-20
nee Voor G-toilet sleutel vragen bij balie
OBA Reigersbos, Rossumpleinjama: 14-17.30,
di, wo, vr, za: 9.30-17.30,
do: 9.30-20
nee Voor G-toilet sleutel vragen bij balie
Station Bijlmer Arenaja24/7€ 0,70ma-do 7-21, vr 7-22,
za-zo 12-22: alleen cash, nacht: elektronisch
Voor G-toilet bellen voor toegang
Woonmall Villa Arenajama-vr: 13-18,
di, wo, vr, za: 10-18,
do: 10-21,
zo: 11-17
nee  
Parkeergarage Arena P1Tijdelijk gesloten

Bijlage 4 - Overzicht van seizoensgebonden geopende openbare toiletten in Amsterdam

Deze toiletten zijn over het algemeen geopend tussen 1 mei en 30 september.

Locatie
Vondelpark, bij pierenbadje
Vondelpark, bij openluchttheater
Beatrixpark, bij kinderbadje
Noorderpark, bij pierenbadje
Gaasperpark, strand zuidoever
Gaasperpark, op dagkampeerterrein
De Hoge Dijk, strand

Bijlage 5 - Toelichting berekenen dekkingsgraad

Doel
Het doel is om inzichtelijk te maken welke gebieden van het Plusnet Voetganger zich binnen 500 meter loopafstand (over de weg) van de openbare toiletten bevinden. Hieruit volgt een percentage van het Plusnet Voetganger wat ‘gedekt’ is. Dit noemen we het dekkingspercentage.

Uitgangspunt: vergelijkbaarheid met eerdere analyse gemeente Amsterdam
Uitgangspunt bij onze analyse was om het dekkingspercentage te kunnen vergelijken met het dekkingspercentage dat in 2019 is berekend in de analyse van V&OR. Daarom hebben we dezelfde definitie voor de 500-meter norm aangehouden en hebben we de analyse opgezet aan de hand van de maatstaf (gegevens  die het Plusnet Voetganger beschrijven) die is gebruikt in de analyse van V&OR.  We hebben de achterliggende data bij V&OR opgevraagd en gebruikt in onze analyse. 

Twee dekkingspercentages: één exclusief MVG-toiletten, één inclusief
We hebben ervoor gekozen om twee afzonderlijke dekkingspercentages te berekenen. Eén dekkingspercentage waarin alle door ons geïnventariseerde openbare toiletten zijn meegenomen (56 toiletten), en één dekkingspercentage waarin enkel de openbare toiletten zijn meegenomen die toegankelijk zijn voor mensen in een rolstoel (zogenoemde MVG-toiletten) (50 toiletten).

Methode van totstandkoming dekkingspercentages
Voor elk openbaar toilet hebben we met behulp van een algoritme een zone  berekend, die vanaf het toilet bereikbaar is op 500 meter loopafstand over de weg. Het algoritme houdt dus rekening met waar je wel en niet kan lopen als voetganger. Vervolgens hebben we gemeten hoeveel meter van het Plusnet Voetganger valt binnen de zones waarin een openbaar toilet binnen 500 meter bereikbaar is. Door dit getal te delen door de totale lengte van het Plusnet Voetganger hebben we het dekkingspercentage berekend.

Resultaat
Het resultaat van de analyse is in de onderstaande tabel weergegeven (tabel B5.1).

Tabel B5.1 Resultaat meting dekkingspercentage openbare toiletten
Soort toiletAantalTotaal aantal meters PlusnetAantal gedekte meters PlusnetDekkingspercentage
Openbare MV-toiletten56 toiletten506.784 meter219.013 meter43%
Openbare MVG-toiletten50 toiletten210.078 meter41%